Grote Foutenboek

Juridisering van het bestuur

De juridisering van het bestuur is het verschijnsel dat de (administratieve) rechter steeds vaker op de stoel van het bestuur gaat zitten, met als gevolg grote vertragingen in de bestuurlijke besluitvorming. Om die reden is er gaandeweg een antagonistische relatie tussen bestuur en rechterlijke macht ontstaan. Nagenoeg niemand in het openbaar bestuur realiseert zich echter hoe die situatie zo heeft kunnen groeien. Namelijk doordat in een sluipend proces vanaf de jaren

zeventig vele politieke problemen niet (meer) werden opgelost in de politieke arena, maar 'gereguleerd' werden: men trof er een wettelijke regeling voor, met twee belangrijke gevolgen:

• In de eerste plaats werd voor een toenemend aantal situaties een gang naar de rechter geopend, en alleen al daardoor kon meer en meer overheidsbesluitvorming bij een rechter ter discussie worden gesteld.

• In de tweede plaats zijn veel politieke problemen niet op te lossen via een regeling. Codificeren – dus geschreven recht maken – heeft in wezen geen (of nauwelijks) probleemoplossend vermogen. Een rechter die aldus moet beslissen in een politieke problematiek (staken, abortus, kraken en dergelijke) kan met het juridisch instrument dat hem ten dienste staat die problematiek

niet oplossen, en zal daarom vonnissen vellen die 'politiek' overkomen.

Eind jaren zeventig heeft de toenmalige president van de Hoge Raad al aandacht gevraagd voor dit probleem. Hij wees erop dat rechters aan het einde van hun mogelijkheden waren gekomen om onverwerkte politieke problemen via de rechterlijke macht tot een oplossing te brengen. Daar is niet naar geluisterd.

Het is daarom alleen maar erger geworden. Dit is een van de fouten uit het Grote Foutenboek.