Grote Foutenboek

Zoeken naar economy of scale

De niet-aflatende zucht om organische verbanden van kleinschaligheid te verruilen voor beweerde efficiencyvoordelen van werken op een grotere schaal is een fout uit het Grote Foutenboek. Sectoren als landbouw, (medische) zorg en onderwijs zijn aan deze structuursturing kapot gegaan. U kunt niet de organische verbanden van de kleine schaal doorbreken en dan denken dat het wel goed zal gaan.

Zoals er een 'Bermuda-driehoek' bestaat, een locatie waar schepen en vliegtuigen op mysterieuze wijze verdwijnen, zo vormt zoeken naar economy of scale het beginpunt van een 'ellendigheidspiraal' waardoor beleidssectoren en organisaties in verderf geraken. Een soort 'zwart gat' dat alle energie opslokt. Het begint met reorganisaties, herstructurering of stelselwijzigingen, conform de valkuil van het oplossingendenken.

Zodra de kleinschalige wereld van werken van professionals, zoals die van boeren, medici, rechters en onderwijzers, op een grotere schaal wordt gebracht, ontstaat de noodzaak tot aansturing van die professionals. Althans, dat is de gedachtekronkel achter de argumentatie tot het aanstellen van managers die de professionals dan moeten gaan aansturen. Die managers werken niet vanuit het professionele vak van de professionals, maar vanuit hun eigen vak: management. Zij introduceren daarmee een variëteit van instrumenten op het vlak van bedrijfsvoering om de output van professionals op niveau te houden, of op te krikken: prestatieafspraken, managementcontracten, beheersovereenkomsten, formulieren, nieuwe administraties, planning & control, tijdschrijven enzovoort. Dat wekt veel weerstand op bij professionals. De kwantiteit, kwaliteit en tijdigheid van het te leveren product gaan daarmee gevaar lopen. beoogde (maatschappelijke) resultaten gaan tegenvallen. De klassieke reactie is dan: nog meer economy of scale, nog meer managementlagen, nog meer beheersingsinstrumenten. En vervolgens een proces van brain-waste naar braindrain van professionals die het niet meer zien zitten, verarming van de kwaliteit, gaten in de continuïteit, voortdurende aanpassing van de bestaande beheersingsinstrumenten, insluipen van leugenachtige, frauduleuze en criminogene elementen omdat professionals onder druk van oneigenlijke werkzaamheden een uitweg zoeken naar de meest gemakkelijke manier van invullen van de groeiende stapel formulieren (zie de ervaringen met bijvoorbeeld de mestboekhouding).

Dit is een proces van positieve feedback: u raakt dan steeds verder van huis. In zijn boek De Graanrepubliek (Atlas 1999) beschrijft Frank Westerman dat proces aan de hand van een vlijmscherpe analyse van het Europese en nationale landbouwbeleid van Sicco Mansholt.

Uiteindelijk betaalt u de beweerde efficiencyvoordelen van de grotere schaal in veelvoud terug in het repareren van de talloze schier onoplosbare problemen – immers fusie is ruzie – die het gevolg zijn van deze zucht naar economy of scale. Niet zelden noodgedwongen leidt dit tot de weg terug: schaalverkleining. Dat blijkt bijvoorbeeld uit een advies van de Onderwijsraad uit 2002: binnen de massale schoolgemeenschappen, met hun onbeheersbare demotivatie van het personeel, toenemende onveiligheid voor en door leerlingen, en verlies van kwaliteit, luidt het advies om binnen die schoolgemeenschappen weer te zoeken naar de kleinere schaalverbanden. Het kan verkeren. Helaas staat er niet in zo'n advies wie de schuldigen zijn die deze ellende hebben veroorzaakt, welke systeemfouten zij hebben gemaakt, hoe ze alsnog ter verantwoording kunnen/moeten worden geroepen, en hoe daarvan geleerd kan worden. In plaats daarvan worden ze soms Commissaris der Koningin, of hoogleraar, of minister van staat, of alledrie, want ze zijn meestal ook nog onverzadigbare schrapers van posities en functies.